SYLLABUS 3. Cursus: De vrouwelijke emancipatie als voorwaarde voor de verdere ontwikkeling der mensheid. Psyche is de zelfnegatie van Aphrodite en Eros. Deze zijn nog slechts algemene beginselen, die ook gelding hebben in de dierlijke spheer. Om iets te zijn moeten zij zich stellen. Om zuiver menselijk te worden moeten zij zich als iets menselijks stellen. Dit is Psyche, de menselijke ziel. De scheiding van de archetypische Eros is het tragische keer- punt in elke vrouwelijke ontwikkeling. Veel vrouwen komen hier niet toe, maar blijven staan bij de uiterlijke verhouding: sexueel en maatschappelijk. "Zij is goed getrouwd" betekent meestal: "haar man heeft een goede positie". Het gaat haar niet om de man. Deze is enkel echtgenoot - kostwinner, maar niet haar manlijk aequivalent. Er vindt geen innerlijke ontmoeting plaats. De vrouw indivi- dueert zich dan niet; wordt niet zelfbewust. Zelfbewust worden is antwoord vinden op de vraag: "wie ben ik ?", "Wat ben ik ?", "Wat betekent vrouw zijn ?" Vrouw zijn is zijn op vrouwelijke wijze, d.w.z. is betrokken zijn. Dit levert moeilijkheden op ten aanzien van de indivi- duatie, want deze eist zelfstandigheid. Zolang de vrouw het manlijke ervaart als het superieure, waar zij tegen op ziet, vernietigt het manlijke het vrouwelijke. Aan de andere kant vernietigt het vrouwelijke het manlijke Ik in de orgiastische extase. In elke man woont diep verscholen de angst voor de ongeremd- heid van de paringsdrift van het oervrouwelijke, die ver- slindend is, de orgiastische razernijen in de periode van het matriarchaat; het door de razende vrouwen levend ver- scheuren van de stier. Deze manlijke oerangst was effectief bij het terugdringen van het vrouwelijke. De werken, die Psyche voor Aphrodite moet verrichten zijn. 1o) het sorteren van een hoop zaden en granen, die door de godin dooreengemengd zijn: symbool van de chaotische vermenging van het oer-manlijke. De mieren komen haar te hulp: symbolen van een instinc- tief ordeningsprincipe. 2o) een vlok bemachtigen van de gouden vacht der zonnerammen, die dodelijk gevaarlijk zijn. Het riet (het haar der aarde en verbonden met het water) geeft de raad te wachten tot de avond, dan worden de ram- men rustig (zinkt de manlijke zon in de vrouwelijke diep- te). Zij eigent zich een manlijk geestesbeginsel toe. 3o) Een kristallen vat te vullen met het water van de bron, die op de hoogste toppen ontspringt en de onderwereldri- vieren voedt (symbool van de levensstroom). De adelaar van Zeus komt haar te hulp, d.w.z. de onbewuste manlijke geest. Zij grijpt uit de levensstroom en geeft het gegrepene vorm, handelt dus manlijk en vrouwelijk. ---