SYLLABUS 4. Cursus: Het Oer-Vrouwelijke. Voor het vrouwelijke is al "het andere" manlijk; en het- zelfde geldt andersom voor het manlijke. Maar "het andere" komt altijd uit het vrouwelijke, dat alles verandert. Het is dus het beginsel der verandering, waarvan het manlijke het extreme resultaat is. De ervaring hiervan, is voor de zelfkennis van het vrouwelijke van beslissend belang. Manlijk en vrouwelijk verhouden zich vijandig tot elkaar wanneer zij enkel als het andere, vreemde worden aangezien. De tegenstelling wordt op aarde gezien (projectie) en aan den hemel (dito). Het licht is tegengesteld aan het duister (de maan in de nacht, maar niet over het hoofd zien, dat zij IN de nacht is; deze overheerst). Licht en vuur zijn identiek. Zoals van alles is het vrouwelijke ook hiervan de heerseres. Het bevat het vuur. Vuur boren in hout. Hout is vrouwelijk: Het bevat het vuur. Dit is de zoon van het hout. Vuur - hemels vuur - godenzonen. De onderwereld = de dood, is vrouwelijk, maar met nega- tief (manlijk) aspect. Vandaar dat er op den duur een god van de onderwereld komt. Het manlijke behoort oorspronkelijk als de slang tot de Grote Godin. Zij is dan ook zelf de slang. Het manlijke is dan dus nog diervormig. Als de maan de lichtzoon is, is hij de god des levens. Dan is de zon de god van de dood. Geleidelijk keert de verhouding zich om. Dan ontvoert de zon de maan naar de onderwereld, zoals Hades (de god van de onderwereld) Persephone (Kore, de doch- ter van Demeter, de goede vruchtbare aarde-moeder) naar de onderwereld ontvoert. Het licht (het manlijke) doorlicht het duister (het vrouwelijke), waardoor dit laatste zichzelf leert kennen. Het duister is aan het licht voorondersteld; slechts in het duister kan het licht zich openbaren. In hun tegengesteldheid tracht het licht altijd het duister te verdrijven en het duister het licht te verzwelgen. Het verstandelijk denken is een poging om het duister te verdrijven, maar tot mislukking gedoemd, omdat het niet tot wijsheid voert. Het blijft in de veelheid steken en komt niet tot de eenheid. ---